Hans Moleman
TIM-verslaggever 13 september 2020

Sobere herdenking Belgische verzetsmensen

In het bos op de Heerderberg was zondag de jaarlijkse herdenking van de verzetsstrijders uit Belgisch Limburg, die in september 1944 aan de rand van Maastricht door de SS werden vermoord. Het was ditmaal een sobere plechtigheid, vanwege de coronamaatregelen.

 Zo’n vijftig mensen, onder wie vertegenwoordigers van de gemeente Maastricht en het Belgische Maaseik, waren zondagochtend naar het monument voor de gevallen vrijheidsstrijders gekomen. Een trompetist van de harmonie van Heer speelde de Last Post, daarna werden bloemen gelegd. 

Sober en eenvoudig, zo had de Stichting Belgisch Monument Heer ditmaal de plechtigheid georganiseerd. 

Geen misviering, geen muziek, geen toespraken, geen koffie en vlaai, wel afstand houden van elkaar. De bijzondere corona-aanpak werkte goed: er was geen inbreuk op de waardigheid van de herdenking van de jonge verzetsmensen uit de Limburgse grensregio.

Twintigers 

De tragedie van hun dood had inmiddels 76 jaar geleden plaats, toen de verzetsgroep werd opgerold door de Duitse bezetter. De meeste door de SS doodgeschoten strijders waren pas twintigers.

Drie, Jacques Teelen, Pierre Driessens en Mathieu Lenders, waren zelfs nog maar 19 jaar oud. Hun meerderen Gustaaf Beazar en Alfons Leroy waren in de dertig. Ze kwamen allen uit de regio van Maaseik, het Belgisch-Limburgse grensdorp vlak over de Maas bij Roosteren. 

Weerstand

Het Belgische verzet -de Weerstand, later Geheim Leger gedoopt- werd in 1940 geformeerd. De sector Maaseik hiervan stond vanaf het begin onder leiding van de wachtmeester der Rijkswacht Gustaaf Beazar, de eerste naam op de lijst van gefusilleerden in Heer. 

Op 3 september 1944 kreeg de sector Limburg opdracht zijn weerstandsgroepen gereed te maken, omdat de bevrijders Limburg naderden. De leden van de sector Maaseik verscholen zich in de bossen van Rotem. Op 10 september overvielen de Duitsers dit schuiloord, waarbij veel verzetslieden sneuvelden of gevangen werden genomen. 

Sint Joseph

Twaalf van deze gevangenen werden tot bij Maastricht getransporteerd, waar de gevreesde SS in Huize Sint Joseph op de Heerderberg in Heer een hoofdkwartier had. Op 12 september werden ze daar in het bos zonder enig proces doodgeschoten. De gefusilleerden waren elf Belgen en één onbekende, vermoedelijk een jonge man uit Rusland of Polen. 

De moordpartij was des te tragischer omdat enkele uren later, op 13 september 1944, Mesch, Eijsden, Rijckholt, Gronsveld en Maastricht door de geallieerden werden bevrijd. 

Kapel

Op 20 september werden de doden op instructie van burgemeester Kessen van Heer geïdentificeerd, waarna zij voorlopig werden begraven op het kerkhof van Huize Sint Joseph, in een gemeenschappelijk graf. Later werden de lichamen naar hun woonplaats overgebracht. 

In Rotem, even ten zuiden van Maaseik, worden de gesneuvelde verzetshelden ook herdacht. Daar is na de oorlog een aparte kapel gebouwd, de Kapel van de Weerstand, waar elk jaar op 1 september een herdenking is gewijd aan alle doden uit het verzet. 

Meer weten: www.belgischmonumentheer.nl 



Lees ook