Laurens Bouvrie
TIM-verslaggever 2 februari 2020

Mooi die krokussen eind januari; maar of we zo blij moeten zijn met die vroege muggen

Een wandeling door ‘groen Maastricht’ maakt voor de zoveelste keer in deze 21e eeuw duidelijk dat de lente gestaag het territorium van de winter kleiner maakt. Voor het oog levert dat een kleurrijkere wereld op. Zie op de foto een veldje crocussen in bloei staan in het Aldenhofpark. De aanhangers van de politieke roeptoeters dat het met de opwarming van de aarde niet zo’n vaart loopt: de zachte winters zorgen niet alleen voor hoger water; het kost helaas weinig moeite om in het veld of bij de Jeker een zwerm muggen aan te treffen. Een bioloog van de Universiteit van Wageningen liet onlangs nog weten dat die vervelende ‘Hollandse steekmug’ op niet al te lange termijn overdraagbare ziektes gaat overbrengen.

Dat de Jeker weer met volle kracht langs de zuidkant van de Tweede Omwalling loopt is dit weekend fraai waar te nemen. De stevige regenval en de gesloten schutten van de sluis bij de Reek van de doorvoer van Jekerwater door de binnenstad zorgen tijdelijk voor hoog water. Na de hevige regenval aan het begin van de eerste februaridag namen veel mensen de moeite om in de middaguren een wandeling door het stadspark te maken. Behalve een hoge Jeker konden ze ook hier en daar in de grasvelden een bed krokussen zien bloeien.

We raken stilaan gewend aan deze vroege bloei van deze voorjaarsbloem. Voor gevoel en oog wellicht prettig; wat het voor de toekomst betekent? Een overgroot deel van wetenschappers en andere specialisten probeert dag in dag uit wereldwijd ons allen tot het besef te brengen dat ons consumptie- en verbuikersroer volledig om moet. Met name de klimaatontkenners, -sceptici en -optimist zullen nog wel een tijdje weten vol te houden dat ‘het toekomstige klimaat niet zo warm en nat (hoog water) zal worden als ‘gutmenschen, geleerden en de Greta Thurnberg’s van deze aarde ons willen doen geloven. Och en die stijgende zeespiegel zal ons voorlopig in Maastricht weinig zorgen baren; daarentegen wordt de kans dat we besmet raken met een of ander subtropisch virus – bijvoorbeeld het Westnijlvirus –   misschien straks wel groter dan een griepje uit China.

Feit is in ieder geval dat je op de vroege zaterdagmiddag van  1 februari 2020 bij een temperatuur van 12 graden Celsius door het stadspark loopt; een dag eerder werd maar weer eens een landelijk record verbroken. In De Bilt werd de warmste 31e januari ooit gemeten. Die warmterecords zijn inmiddels niet meer te tellen. Dat gold ook de muggen die uw scribent bij een Jekerbruggetje aan de zuidkant vaan Maastricht tegemoet liep. De zwerm ‘stekers’ dansten er lustig op lost; alsof ze wilden laten merken: ‘dit wordt een topjaar voor ons’.

Natuurlijk kan het weer (niet te verwarren met klimaat) de komende weken nog alle kanten op. Elfstedentochten zijn vaker in februari gereden dan in januari. Die van 1986 zelfs op 26 februari. En extreme winterse omstandigheden in februari in onze contreien zijn ook niet ondenkbaar. Uiteraard – zeker dit jaar met zijn kleinzoon als Prins Luc II als grote roerganger van de Mestreechter Vastelaovend – denken we dan met zijn allen aan de Vastelaovend van 1969. Het leverde Math van Lijf (Math d’n Ierste) de bijnaam Snie-Prins op. Onder welke weersomstandigheden Vastelaovend 2020 gaat plaatsvinden is nu nog koffiedik kijken. De enige zekerheid die we voor nu hebben is dat het Maastrichtse Carnavalsklimaat sinds mensenheugenis een is van ‘drei daog lol en plezeer’; en dat onder alle omstandigheden, weer of geen weer.

 

 

 

 

 

 

 



Lees ook