Stephan Van Appeven
TIM-verslaggever 2 juni 2020

IC-personeel ondanks afname coronapatiënten nog niet verlost van druk

Tegelijk met de afname in het dagelijkse aantal nieuwe besmettingen met corona lopen ook de IC-afdelingen leeg wat betreft patiënten met het virus. Intensive care-personeel krijgt daarmee eindelijk iets van ademruimte na twee maanden van opperste paraatheid. Toch zijn IC-medewerkers van het Maastricht UMC+ nog niet verlost van de drukte.

Want nu de piek van corona achter de rug is, start de reguliere zorg weer op. Reguliere zorg die bij de toename van patiënten met het virus juist afnam. Maurice Veugelers, al twintig jaar werkzaam op de Maastrichtse intensive care, vertelt: “Enorm frappant dat er zo weinig patiënten uit de reguliere zorg bij ons terechtkwamen. Waar dat precies aan ligt, is onduidelijk. Enerzijds heb je natuurlijk de uitgestelde operaties, anderzijds kwamen er ook erg weinig patiënten met bijvoorbeeld een hersenbloeding of een ongeluk bij ons. Dan was het helemaal topdrukte geweest. Wellicht heeft één en ander te maken met de lockdown en dat de kans op ongelukken op de weg daarmee afnam.” Het Maastricht UMC+, dat normaal drie afdelingen IC heeft in het ziekenhuis, breidde uit naar zeven units. Het aantal IC-bedden ging omhoog van 27 naar 56. Inmiddels, door de afname aan patiënten, is dit weer teruggebracht naar 37. Veugelers was de voorbije tijd unitleider op één van de afdelingen waar patiënten van de reguliere zorg op kwamen te liggen. “Zo’n situatie heb ik nog nooit meegemaakt. Het feit dat we met minder mensen meer zorg hebben geboden, dat er geen bezoek langs mocht komen, dat patiënten alleen lagen; het hakte er de voorbije tijd flink in.”

Hulp

De medewerkers van de IC kregen de voorbije tijd hulp van medewerkers van andere afdelingen zoals de recovery en anesthesie. Ook werden oud-collega’s en herintreders van stal gehaald om de golf aan patiënten aan te kunnen. “Superfijn dat die hulp er kwam. Maar dat bracht ook weer een andere druk met zich mee. Je moest nieuwe collega’s weer inwerken”, aldus Veugelers, die opeens met oude bekenden kwam te werken. Annemarie Storcken bijvoorbeeld. Zij was tot acht jaar geleden werkzaam op de intensive care en besloot toen fulltime voor haar kinderen te gaan zorgen. Toen zij aan het begin van de pandemie merkte dat de zorg een handje hulp kon gebruiken, twijfelde ze geen moment. “Ik belde het ziekenhuis en vertelde dat ik wilde komen helpen. Nu ben ik voor drie maanden terug, tot 1 juli.” Storcken is drie dagen per week actief op haar oude werkplek. “Nu ik weer twee maanden aan de slag ben, zie ik pas hoe zwaar de verpleegkundigen het gehad hebben. Ze krijgen goedbedoelde hulp en moeten dat in die drukte ook nog allemaal coördineren. Dat nog naast het voeren van heftige telefoongesprekken met bijvoorbeeld familieleden van patiënten.” Storcken doet in principe hetzelfde als alle huidige IC-verpleegkundigen, maar dan wel onder de verantwoording van hen; zorgen dat de beademing in orde is, medicijnen toedienen, mensen draaien en andere soorten verzorging. “Van mij hadden de reguliere medewerkers nog weinig last, omdat ik al ervaring op de IC heb. Er was ook hulp van verpleging die nog nooit op deze afdeling werkte. Gedurende de voorbije weken beleefde ik zelf een hoop ‘oh ja-momenten’, als ik me weer eens besefte hoe bepaalde handelingen in zijn werk gaan. Omdat ik me alles weer eigen aan het maken was, heb ik me redelijk kunnen afsluiten van het emotionele aspect van deze periode.” Storcken beschouwt haar tijdelijke terugkeer niet alleen als een vorm van hulp maar ook als een goed meetmoment om te kunnen zien hoe ze nu tegen het werk aankijkt. “Acht jaar geleden was ik wel klaar met de zorg. Ik moet zeggen dat ik het nu toch wel weer erg fijn vind om op de IC te zijn. Je krijgt erg veel voldoening van dit werk. Bijvoorbeeld door kleine dingen als het anders leggen van een kussen, waardoor de patiënt comfortabeler ligt. Maar ook het feit dat je je collega’s een hoop werk uit handen neemt, voelt fijn.”

Nog steeds zorgelijk

Ondanks dat de piek duidelijk achter de rug is, is het nog altijd moeilijk het rooster rond te krijgen. Veugelers: “Terwijl de reguliere zorg weer opstart, gaan alle verpleegkundigen weer naar hun oorspronkelijke afdelingen en alle herintreders nemen ook langzamerhand afscheid. Nu kom je dus op het punt dat je nog steeds meer bedden draait dan normaal, maar nog altijd te weinig personeel hebt op de IC.” Daarnaast maakt Veugelers zich nog meer zorgen. “We houden hier ons hart vast dat we niet nog een golf aan patiënten krijgen wanneer er steeds meer versoepeld wordt. Het is nou eenmaal een feit dat het lastig is de anderhalve meter afstand te handhaven wanneer het overal drukker wordt.”

Foto Maurice Veugelers: Ruth Janssen



Lees ook