Laurens Bouvrie
TIM-verslaggever 9 februari 2020

Drappo-zegening: mooie devotie Mestreechter Vastelaovend in Sint Servaasbasiliek

Tot en met dinsdag 25 februari rond het middernachtelijk uur gaat er geen dag voorbij of ergens in Maastricht is een carnavalsactiviteit. Veel van die evenementen worden al decennialang gevierd. Soms komt er iets nieuws bij en verdwijnt weer even snel als het kwam. Het lijkt er sterk op dat de Drappo-zegening, eind januari voor de tweede keer in successie gehouden in de Sint Servaasbasiliek, een blijvertje wordt. We mogen het in ieder geval hopen. De uit Keulen overgewaaide traditie levert een prachtig schouwspel op tussen devotie van de Mestreechter Vastelaovend in het indrukwekkende Godshuis aan het Vrijthof. Thuis in Maastricht stadschroniqueur Laurens Bouvrie legde de zegening voor u vast op de gevoelige plaat.

Nog twee weken te gaan en na Ciara verkeert Maastricht – en dat drie dagen lang – alweer in het oog van een andere storm, die van de Mestreechter Vastelaovend. Het beschrijven van de beleving van carnaval en de aanloop daar naar toe kan het beste zo veel mogelijk beperkt worden. Een enkeling daargelaten, zoals Impassant Ad van Iterson en zijn unieke vermogen de Vastelaovend in woorden te vatten, doen de ‘vierders’ er goed aan om de Mestreechter Geis vooral tijdens deze dagen uit de fles te laten komen en ons laat dansen, springen, zingen en sjele wawwel te laten verkopen.

In de aanloop naar het carnaval staat de Maastrichtse agenda vol met roed, geel en greun activiteiten. Daar prijkt sinds 2019 ook de Drappo-zegening op. Wie dit jaar of verleden jaar (of uiteraard beide edities) aanwezig is geweest, zal al snel tegen anderen zeggen: “Dat mooste ‘ne kier höbbe gezeen en gehuurd”. En dat is geen overdreven statement. Dit door Stichting de Vief Köp en de Sint Servaasparochie georganiseerde spel tussen religie en lol en plezeer, toch een fenomeen waar Maastricht patent op lijkt te hebben, weet van begin tot eind te boeien. De twee absolute hoogtepunten: de entree van de carnavalsverenigingen en de Zate Hermeniekes en de daadwerkelijke zegening van alle drappo’s. Die twee momenten zijn enerzijds bijna sacraal; anderzijds – alleen al door de kolderieke namen op de banieren van de muziekgezelschappen iets absurdistisch. De deken, de priesters en de acolieten in vol ornaat staan naast mannen en vrouwen met veendels die opschriften hebben als ‘Sjele Zeik’, ‘Laat en Zaat’ of ‘Aspergepiepers’. De dragers van de drapeaus spelen overigens hun rol met verve; dus een uitgestreken gezicht.

Overigens dient zeker nog te worden vermeld dat de Drappo-zegening van begin tot eind gedragen wordt door een mooie – het mag gerust unieke – melange van Maastrichtse muzikanten. Want hoe vaak krijg je als publiek de gelegenheid om de altijd indrukwekkende zang van koor Capella Sancti Servatii samen te horen met het onvolprezen Mestreechter Vastelaovend Orkes van Jean Lambrix?  Zjustemint: één keer per jaar. Of dat alles niet contrasterend genoeg was; het trio Ziesjoem! bracht voor het eerst het Sint Servaaslied in ’t Mestreechs ten gehore.

Eigenlijk alweer te veel geschreven. Laat de kleine 100 foto’s bij dit artikel u een indruk geven van wat wel eens een monument kan worden in de aanloop naar de Mestreechter Vastelaovend. 



Lees ook